Knelpunten in het middelenpakket

Knelpunten
Meerdere Nefyto-deelnemers werken, met de betrokken sectoren, aan structurele oplossingen voor de knelpunten in het beschikbare middelenpakket. In overleg met de Coördinatoren Effectief Middelenpakket van de sectoren worden knelpunten geïdentificeerd, wordt naar potentiële oplossingen gezocht en wordt een route naar een (structurele) oplossing afgestemd.
De toelatingen in kwestie gebeuren zowel op aanvraag van de Nefyto-deelnemers, als op aanvraag van andere partijen (de zogeheten derdenuitbreiding).

Kleine toepassingen
Kleine toepassingen zijn toepassingen van gewasbeschermingsmiddelen waarvan de kosten voor de toelating niet opwegen tegen de baten. Vaak gaat het om zogenaamde kleine teelten.

Er worden in Nederland ongeveer 600 gewassen als kleine teelt beschouwd. Daarnaast zijn er bepaalde aantastingen van gewassen die minder vaak voorkomen, waarvoor het gebruik van een gewasbeschermingsmiddel ook als kleine toepassing wordt beschouwd.

De ontwikkeling van nieuwe middelen is gericht op grote wereldteelten (bijvoorbeeld tarwe, rijst, maïs en soja). De middelen voor kleine teelten zijn veelal varianten op die voor de grote wereldteelten. Het steeds strenger wordende toelatingsbeleid maakt het op de markt brengen van deze varianten (spin-offs) moeilijker. Dit komt omdat voor de toelating van de spin-offs vaak zoveel aanvullend onderzoek nodig is, dat de kosten niet terugverdiend kunnen worden. Tegelijkertijd verdwijnen wel oudere middelen, waardoor het middelenpakket van kleine teelten krimpt.

Oplossingen
Nefyto, de overheid en anderen dragen bij aan oplossingen voor dit probleem. Enkele voorbeelden van initiatieven zijn:
  • Derdenuitbreiding
  • Stichting Trustee Bijzondere Toelatingen
  • Fonds Kleine Toepassingen
  • Loket Kleine Toepassingen van de Plantenziektenkundige Dienst
  • Helpdesk van het College voor de Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (Ctgb)

Met een zogenaamde derdenuitbreiding kunnen derden, meestal telersgroepen, een uitbreiding van de hoofdtoelating van een gewasbeschermingsmiddel aanvragen. Het moet dan gaan over een teelt van "gering belang". Een derdenuitbreiding is aantrekkelijk omdat het niet noodzakelijk is gegevens over de deugdelijkheid aan te leveren. Hiermee kunnen kosten worden uitgespaard.

Aangezien ‘derden' vaak onbekend zijn met een toelatingsaanvraag bereiden over het algemeen Coördinatoren Effectief Middelenpakket, werkzaam voor de diverse sectoren in de land- en tuinbouw, zo'n aanvraag voor. Ook dient rekening te worden gehouden met de mogelijkheid op aansprakelijkheidstelling bij zo'n derden-uitbreiding. Nefyto heeft daarom in samenwerking met LTO Nederland en Agrodis, de Stichting Trustee Bijzondere Toelatingen opgericht. De Trustee dient uiteindelijk voor de ‘derden' de toelatingsaanvraag in en heeft onder andere het aansprakelijkheidsprobleem opgelost door een verzekering af te sluiten.

Daarnaast heeft Nefyto samen met LTO Nederland en de overheid het Fonds Kleine Toepassingen opgericht. Dit fonds ondersteunt telers met een subsidie voor het uitvoeren van aanvullend onderzoek, dat nodig is om bestaande toelatingen uit te breiden met een kleine toepassing.

Ten slotte kunnen geïnteresseerden met algemene vragen terecht bij het Loket Kleine Toepassingen van de Plantenziektenkundige Dienst en met toelatingsvragen bij de helpdesk van het College voor de Toelating van Gewasbeschermingsmiddelen en Biociden (Ctgb). De helpdesk geeft onder andere uitleg over de dossiervereisten en de te volgen aanvraagprocedure. Ook kan ze een kostenschatting van de toelatingsaanvraag maken.